Beelden van brons, koper en messing kunnen worden gemaakt door het materiaal te smelten en dan in een vorm te gieten. Het maken van een gietvorm is een ingewikkeld proces, waarvoor verschillende methodes zijn.
De meest voorkomende methode van het bronsgieten is het 'cire perdue gieten' oftwel 'de verloren wasmethode'.
Na het gieten is het beeld of gebruiksvoorwerp nog niet klaar. Als een bronzen beeld uit de mal komt heeft het een 'giethuid'. De giethuid is een doffe korrelige laag aan de buitenkant, die ontstaat doordat het vloeibare brons een chemische verbinding aangaat met de mal. De giethuid kan worden weggeborsteld of worden gepolijst met een staalborstel. Bij het bronsgieten wordt vaak een model van was gebruikt, met daaromheen een vuurvaste massa. Op het model zitten enkele gietkanalen.

foto: Charles van Schalkwijk
Via deze kanalen kan de gesmolten was naar buiten lopen bij het uitstoken van de vormen. Daarna worden de holle ruimten via deze zelfde gietkanalen volgegoten met het verhitte, vloeibare brons. De gietkanalen moeten worden verwijderd en daarna kan de beeldhouwer het resultaat nog bijwerken door het oppervlak met beitels en ponsjes te bewerken, te ciseleren. Ook kan hij als laatste stap de kleur van het beeld beïnvloeden door het metaal te patineren.
Koper, brons en messing
Koper is een vrij zachte metaalsoort, die goed met de hamer bewerkt kan worden. In de beeldhouwkunst was er echter vooral behoefte aan metalen waarmee beelden kunnen worden gegoten. Zuiver koper is niet geschikt als gietmateriaal. Om het te kunnen gieten, moet er een ander metaal aan toegevoegd worden. De meeste gegoten beelden zijn gemaakt van brons of soms van messing, ook wel 'geel koper' genoemd. Brons is een legering, een mengsel van enkele metalen: meestal (rood)koper en tin, soms nog andere metalen.

Wilt u zelf een bronzen beeld maken?
Kijk dan eens bij onze workshops >>
|